nieuws
3 minuten lezen

Wet tegemoetkomingen loondomein 2021

De Wet tegemoetkomingen loondomein bestaat ook in 2021 uit drie onderdelen: het lage-inkomensvoordeel (LIV), het jeugd-lage-inkomensvoordeel (jeugd-LIV) en het loonkostenvoordeel (LKV). Deze tegemoetkomingen over 2021 worden in 2022 automatisch uitbetaald als uit de loonaangiften blijkt dat je hier recht op hebt.

1. Het lage-inkomensvoordeel in 2021

Bedragen LIV 2021

Sinds 2020 is de hoge en lage tegemoetkoming samengevoegd naar één uniforme tegemoetkoming per verloond uur. Voor het jaar 2021 bedraagt deze tegemoetkoming € 0,49 per verloond uur, met een maximum van € 960 per medewerker per jaar. Deze tegemoetkoming geldt voor medewerkers met een uurloon van € 10,48, maar niet meer dan € 13,12 per uur.

Gemiddeld uurloon over 2021 LIV per medewerker per verloond uur Maximale LIV per medewerker per jaar
€ 10,48 t/m € 13,12 € 0,49 € 960
Tip! Je kunt het uurloon van jouw medewerkers zelf beïnvloeden om te zorgen dat je zo veel mogelijk van het LIV profiteert. Bijvoorbeeld door medewerkers die iets boven de grens van het uurloon verdienen een kostenvergoeding via de werkkostenregeling te geven in ruil voor iets minder loon. Uiteraard kan dit alleen binnen de geldende wettelijke fiscale mogelijkheden.

Voorwaarden LIV

  • De medewerker voldoet aan een vastgesteld gemiddeld uurloon (gebaseerd op minimaal 100% en maximaal 125% van het wettelijk minimumloon).
  • De medewerker is verzekerd voor de werknemersverzekeringen.
  • Er is sprake van een substantiële baan (minimaal 1.248 verloonde uren per kalenderjaar).
  • De medewerker heeft de AOW-gerechtigde leeftijd nog niet bereikt.

2. Het jeugd-lage-inkomensvoordeel in 2021

Bedragen jeugd-LIV 2021

Valt een medewerker binnen de uurloongrenzen en voldoet hij aan de overige voorwaarden? Dan heb je als werkgever voor een medewerker recht op het jeugd-LIV. Hoeveel het voordeel precies is, hangt zowel af van het aantal verloonde uren als van de leeftijd van de medewerker. De eis van minimaal 1248 verloonde uren geldt niet voor het jeugd-LIV.

Leeftijd op 31 december 2020 Jeugd-LIV per medewerker per verloond uur Maximale jeugd-LIV per medewerker per jaar
20 jaar € 0,30 € 613,60
19 jaar € 0,08 € 166,40
18 jaar € 0,07 € 135,20
Let op! Maak je als werkgever gebruik van bbl-leerlingen (beroepsbegeleidende leerweg)? Dan kan je ook in aanmerking komen voor het jeugd-LIV. Je krijgt deze tegemoetkoming als je de bbl-leerling betaalt volgens het wettelijk minimumjeugdloon dat hoort bij zijn leeftijd. Je mag de bbl-leerling ook minder betalen dan het wettelijk minimumjeugdloon. In dat geval heb je geen recht op jeugd-LIV.
Let op! Neem je in de loonaangifte onjuiste gegevens op terwijl het voor de toepassing van deze wet van belang is dat deze juist zijn? Dan kan je een bestuurlijke boete krijgen van maximaal € 1.319 per gegeven per medewerker per jaar.

Voorwaarden jeugd-LIV

  • De medewerker is verzekerd voor de werknemersverzekeringen.
  • De medewerker heeft een gemiddeld uurloon dat hoort bij het wettelijk minimumjeugdloon voor zijn leeftijd.
  • De medewerker was op 31 december van het voorafgaande jaar 18, 19 of 20 jaar.

Het gemiddelde uurloon is het loon uit dienstbetrekking van een jaar, gedeeld door het aantal verloonde uren in dat jaar.

Uurloongrenzen 2021

De uurloongrenzen voor de verschillende leeftijden voor de jeugd-LIV bedragen per 1 juli 2021:

Leeftijd op 31-12-2020 Ondergrens Bovengrens
20 jaar € 8,43 € 10,48
19 jaar € 6,32 € 9,38
18 jaar € 5,27 € 7,04

3. Loonkostenvoordelen in 2021

Vanaf 2018 hebben werkgevers die oudere uitkeringsgerechtigden, arbeid beperkten of werknemers die onder de doelgroep banenafspraak en scholing belemmerden vallen in dienst nemen, recht op zogenaamde loonkostenvoordelen (LKV’s). De voorwaarden hiervoor blijven in 2021 gelijk.

Voorwaarden loonkostenvoordelen

Voldoe je bij start van de dienstbetrekking aan de voorwaarden? Dan kan je gedurende drie jaar een verzoek tot een tegemoetkoming indienen. Voor het ‘LKV herplaatsen arbeidsgehandicapte werknemer’ geldt een periode van één in plaats van drie jaar.

Om in aanmerking te komen voor het LKV gelden de volgende voorwaarden:

  • De medewerker beschikt over een doelgroepverklaring.
  • De medewerker was niet op enig moment in de periode van zes maanden voorafgaand aan de datum van indiensttreding bij jou in dienst (de antidraaideurbepaling) (uitzondering bij herplaatsen arbeidsgehandicapte medewerker).
  • De medewerker heeft de AOW-gerechtigde leeftijd nog niet bereikt.
  • De medewerker verricht geen arbeid als bedoeld in artikel 2 van de Wet sociale werkvoorziening of artikel 10b, derde lid, van de Participatiewet.
  • De medewerker is verzekerd voor de werknemersverzekeringen.

Daarnaast gelden per soort LKV nog aanvullende voorwaarden. Voldoet jouw medewerker aan alle voorwaarden? Dan kan hij een doelgroepverklaring aanvragen.

Let op! Een doelgroepverklaring moet binnen drie maanden na indiensttreding worden afgegeven. Zorg dus dat deze op tijd wordt aangevraagd.

De aanvraagtermijn voor een doelgroepverklaring is weer teruggebracht naar drie maanden. De aanvraagtermijn was tijdelijk verlengd naar zes maanden, omdat het door de coronacrisis vaak niet lukte om de doelgroepverklaring op tijd aan te vragen. Voor dienstverbanden vanaf 1 oktober 2020 geldt weer een aanvraagtermijn van drie maanden. Met deze doelgroepverklaring kun je het LKV aanvragen in jouw aangifte loonheffingen.

LKV Bedrag per verloond uur Maximumbedrag per jaar Duur
Oudere medewerker € 3,05 € 6.000 3 jaar
Arbeidsgehandicapte medewerker € 3,05 € 6.000 3 jaar
Doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden € 1,01 € 2.000 onbeperkt
Herplaatsen arbeidsgehandicapte medewerker € 3,05 € 6.000 1 jaar

Maximumduur LKV banenafspraak en scholingsbelemmerden 2021

Met ingang van 2021 heeft een wijziging plaatsgevonden in de looptijd van het LKV voor de doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden. Per 2021 kan dit LKV namelijk voor onbepaalde tijd worden toegepast bij een werknemer, mits hij blijft voldoen aan de voorwaarden.

Bron: SRA